Door Marianne de Wild op 8 april 2013

Vragen leerlingenvervoer

Het college wil maatregelen treffen om het niet afmelden van leerlingen als de rit niet nodig is aan te pakken. Daar staan wij achter, maar deze maatregelen mogen niet ten koste gaan van de kinderen! Daarom hebben wij vragen gesteld aan het college.

Vragen op grond van artikel 61 Reglement van Orde inzake strenge controle leerlingenvervoer met zwaardere sancties als uitsluiting van vervoer en schorsing

 

Geacht college, geachte wethouder van Engeland,

Ook de PvdA is van mening dat overheidsgeld dat beschikbaar komt voor leerlingenvervoer op de juiste wijze gebruikt dient te worden. We staan er dan ook achter om, indien dat niet gebeurt omdat ouders of verzorgers de bus niet afbestellen als de rit niet nodig is, te zoeken naar verbetering van dat gedrag.

In het artikel in het Brabants Dagblad wordt toegelicht dat u om dat te bereiken de ouders wilt treffen met uitsluiting van hun kinderen van het vervoer tot een schorsing toe. Kinderen met agressief gedrag moeten laten zien dat ze het beter kunnen voor ze weer mee mogen met de bus.

De toon van het artikel is nogal zwaar op de straffende kant van de zaak gericht. Wij vinden dat de kinderen uit de doelgroep van het leerlingenvervoer zeker niet de dupe mogen worden van nalatigheid van ouders en/of uw strafmaatregelen.

Het gaat om een kwetsbare groep kinderen die om redenen van leer- en/of gedragsproblemen, stoornis of handicap met leerlingenvervoer naar een voor hen geschikte school gaan. Ouders van deze kinderen hebben het ook zeker niet altijd even gemakkelijk vanwege die problemen met hun kind.  In een aantal gevallen zijn er meer kinderen in een gezin aanwezig die ook de aandacht van ouders vragen.

Oplossingen voor de problemen kunnen wat ons betreft daarom beter gezocht worden in het ondersteunen van de ouders in verbetering van het gedrag dan in het uitsluiten van kinderen van het leerlingenvervoer.

Vraag 1
Is in het krantenartikel in het Brabants Dagblad uw standpunt rond de maatregel op de juiste wijze verwoord? M.a.w. het artikel is niet “overdreven”?

Vraag 2
Zijn er nog andere oplossingen overwogen in plaats van de nu voorgestelde sancties? Bij voorbeeld in de regels rond het vervoer opnemen dat “loze” ritten betaald moeten worden door de ouders? Deze regel uitgebreid te communiceren en na waarschuwing ook daadwerkelijk toe te passen?

Vraag 3
Ambtenaren en vervoerders zijn geen (ortho-)pedagogen.  Is er overleg geweest rond deze materie met mensen die daar wel verstand van hebben, zoals CJG (Centrum voor Jeugd en Gezin), de school, schoolmaatschappelijk werk of Juvans? Zo niet, zou dat een betere weg zijn om tot oplossing te komen? Kan de genoemde “steunstructuur” waarvan in het leerlingenvervoer sprake is daar een rol bij spelen?

Vraag 4
In de tijd dat er nog grote bussen reden voor het leerlingenvervoer, zat er naast de chauffeur nog een mevrouw op de bus om toezicht te houden op de kinderen. Hebben de vervoerders een training o.i.d. gehad om met hun doelgroep op positieve manier te kunnen omgaan? Zo niet, bent u bereid de vervoerders een training aan te bieden? Organisaties als Juvans of MEE kunnen zo’n training verzorgen.

Vraag 5
U wilt kinderen die zich agressief gedragen in de schoolbus zwaar straffen. Agressief gedrag kan onderdeel zijn van het gedragsprobleem of stoornis waarvoor een kind naar een speciale school gaat. Groepsvervoer kan dan een probleem zijn, ook voor de veiligheid van de andere kinderen. Straffen van kinderen en ouders lijkt ons het probleem eerder erger dan beter te maken. Is ook hier overleg met (ortho-)pedagogen of begeleiders die te zake kundig zijn, niet een betere insteek?

In afwachting van de beantwoording van onze vragen,

Met vriendelijke groet,

 

Marianne de Wild,
Ronald Heesbeen

Marianne de Wild

Marianne de Wild

Wie ben je? Een actieve senior met een afgeronde loopbaan (dus met pensioen) in het buurthuiswerk als sociaal cultureel werker en opbouwwerker. Geboren in Den Haag, opleiding en werk in Rotterdam en later in Tilburg. De liefde bracht me naar Brabant, waar ik “goed geland ben”. Ik ben gaan houden van de prachtige omgeving, de

Meer over Marianne de Wild